bang zijn

Ben jij ook wel eens bang? Bang voor de toekomst? Bang om een nieuwe stap te zetten? Of bang voor nare dingen die mogelijk kunnen gaan gebeuren? Angst is een heel normaal verschijnsel. Iedereen kent dat gevoel wel. Bij de meeste mensen gaat de angst na een tijdje vanzelf weer over. Maar je kunt er ook veel last van hebben en angst kan je leven erg verstoren. Ik geef je vijf tips die je kunnen helpen om de angst de baas te blijven.



Onderzoek je gedachtes

De meeste van je gevoelens worden veroorzaakt door je gedachtes. Je hoort bijvoorbeeld het geluid van een ambulance en denkt: ‘Er is iets ergs gebeurd. Als er maar niets is met mijn familieleden of vrienden’. Je ziet misschien nare situaties voor je en tegelijkertijd krijg je een zwaar gevoel in je maag. Het geluid van de ambulance heeft hier gedachtes bij je opgeroepen. En die gedachtes zorgen voor dat nare onrustige gevoel.

Wanneer je vaak angstig bent is het goed om je gedachtes eens te onderzoeken. Want wat je denkt, bepaalt dus je gevoel. Breng je gedachtes daarom goed in kaart. Wat denk je over een bepaalde gebeurtenis? En zijn die gedachtes waar? Heb je er bewijs voor? Wanneer je dit doet, zul je al snel merken dat de meeste angstige gedachtes niet waar zijn. Het zijn slechts verzinsels, al doet je gevoel je anders geloven. Het lijkt misschien heel echt, maar bedenk dat je gewoon een beetje aan het fantaseren bent.



Richt je op het huidige moment

Bij angst ben je negatief aan het fantaseren over de toekomst. In gedachten ben je bezig met wat er straks mogelijk kan gebeuren. Je ziet de grootste rampscenario’s al voor je. En dat maakt je bang. Maar in werkelijkheid is er niets aan de hand. Dat wat er hier en nu gebeurt, staat namelijk niet in verhouding met alle rampgedachtes die je voor je ziet. Richt je daarom op het huidige moment als je bang bent. Dat kun je doen door even je ogen te sluiten en een aantal keren diep in en uit te ademen. Stel jezelf daarna de vraag. Hoe is dit huidige moment voor mij?



Beperk de negatieve prikkels

Angstige gedachtes komen voort uit informatie die je ooit hebt opgeslagen. Stel dat je bang bent om te vliegen. De gedachte dat het vliegtuig waarin jij zit straks neer gaat storten, roept angst bij je op. Maar waar komt die angst om te vliegen eigenlijk vandaan?

Gedurende je leven sla je allerlei informatie op. Informatie over dingen die je hebt gezien, gehoord of hebt meegemaakt. En deze informatie gebruik je om je beeld te bepalen over een toekomstige gebeurtenis. Wanneer je gaat vliegen komt alle informatie die je ooit hebt opgeslagen over vliegreizen naar boven. Je hebt op het journaal bijvoorbeeld meerdere keren gehoord dat er een vliegtuig is neergestort. Of je hebt van je buurman gehoord dat hij in een luchtzak terecht is gekomen en hoe naar dit was. Je collega moest ooit een noodlanding maken vanwege het slechte weer en de vriend van je nichtje had een hele nare landing. Al deze informatie is negatief. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat er negatieve gedachtes ontstaan wanneer je aan vliegen denkt.

Sta daarom eens stil bij alle negatieve informatie die je dagelijks tot je neemt en kijk of je dit kunt beperken. Is het bijvoorbeeld echt nodig om elke avond tijdens het journaal de beelden te zien van terreuraanslagen, liquidaties, aardbevingen, overstromingen en ernstige verkeersongevallen? Of kun je ook zonder? Is het nodig om elke keer die negatieve verhalen aan te horen van je buurvrouw? Of kan het ook minder? Kijk welke negatieve prikkels je kunt minderen. Je zult zien dat dit op termijn meer rust oplevert.



Laat je angst toe

In ieder leven gebeuren dingen die niet leuk zijn. Of je dat nu wilt of niet. Je kunt er bang voor zijn, maar het zal de situatie niet veranderen. Wees je ervan bewust dat het leven niet altijd even soepel verloopt. Dat is niet erg. Dat hoort nu eenmaal bij het leven. Je mag soms best boos, bang of verdrietig zijn. Je mag je soms best rot voelen. Dat heeft iedereen wel eens. Vecht er niet tegen, maar zie het als iets dat er gewoon bij hoort.



Zoek afleiding

Angst ontstaat doordat je aan het nadenken bent over de toekomst. Zodra je met dit denken ophoudt, zul je merken dat je angst ook wegebt. Zoek daarom afleiding, zodat je minder aan het denken bent. Dat kun je doen, door je lichaam flink aan het werk te zetten. Dus ga sporten, stofzuig de kamer of ga in de tuin aan het werk. Wanneer je lekker bezig bent, heb je geen tijd om te piekeren.